Reisverslagen, avondrit 17 augustus 2012


 

Wanneer deze editie van het motorblad uitkomt is het waarschijnlijk al weer een heel stuk frisser. Dit in tegenstelling tot vrijdagavond 17 augustus. Dit was een bijzondere warme zomerdag van boven de 30 graden. Voor de motorrijders natuurlijk een super-avond om de geplande avondrit van circa 126 km te gaan rijden. Joep als voorrijder en ik erachter, ook deed Nicole weer voor het eerst mee sinds het ongeluk van Danny. Verder zaten in onze groep Jos Essens, Henk Kersten, Ad (zwager van Jos) en Jordy Voets (vriend van mijn dochter Maré). Als 1ste groep weggereden over de Boxtelseweg, Schijndelsedijk en Beek. Hier waren we al niet meer compleet dus Joep even terug. Nu bleek dat bij Ad de navigatie van de motor was afgekukeld. Gelukkig aan de draad blijven hangen zodat er geen beschadiging was. Na dit oponthoud kreeg ik de indruk dat Joep moest gaan hooien, heel begrijpelijk met dit mooie weer. Even later in Geffen was het speelkwartier, we mochten allemaal door de zandbak die speciaal voor ons was aangelegd. Zonder problemen ging iedereen door dit mulle klapzand. Onderweg was er ergens een feestje, volgens mij, de lucht was versierd met luchtballonnen die een doorsnede hadden van 5 tot 6 meter. Tijd voor te pauzeren was er op de Zeelandsedijk in Volkel waar even later nog meer leden van de Ollandse motorclub neerstreken. Vanaf daar richting Keldonk waar we langs het in aanbouw zijnde huis zagen van Wim Voets, daar zou een dag later de pannen worden gelegd. Keldonk uit, richting Breugel, ging het Joep niet vlug genoeg. Ik vroeg me af hoe een politieagent zichzelf zou bekeuren. Even later richting Best had ik het idee dat er enkele bromvliegen in mijn helm zaten, fout dus. De snelle motorgroep reed ons voorbij richting Bestseweg. Die gingen voor ons natuurlijk al wat bestellen bij de Dorpsherberg. Mijn Bandit even naar huis gebracht en Joep had voor mij een stoel vrijgehouden op het bomvolle terras. Heel gezellig nagebuurt en lekker getoerd. Joep bedankt als voorrijder en tot de volgende keer.

Theo Meijs