Reisverslagen, Motorweekend Oudenburg 2003


Groenedijk motorcycle Loft Hotel
Hallo motorvrienden,

Het was zoals gewoonlijk weer een verbeten strijd wie een verslag van ons jaarlijks weekend mocht schrijven. En het was dan ook zo dat zelfs Gerard, onze brandnieuwe voorzitter, zich in de strijd moest werpen om een keuze te maken. Het geluk was aan mijn zijde. Het motorweekend 2003 was wederom 3 dagen en wel in Oudenburg 8 km ten oosten van Oostende. Het vertrekpunt “De Dorpsherberg” lag er vrijdagmorgen 13 juni zon overgoten bij. We hadden allemaal tijd genoeg en genoten van Ton z'n bakske koffie. Opdat moment hebben vele waarschijnlijk gedacht "tijd genoeg we hoeven maar naar Oostende daar zijn we zo”. Niets was minder waar. Met onze groep waren wij om ongeveer 5 uur in de namiddag op de helft van de 350 km lange tocht, dat was ergens onder Brussel. Tijdens de tocht dacht ik nog "je kunt merken dat Albert timmerman van beroep is alle bochten zijn perfect haaks”. Verder vele wegen met betonplaten, reparaties, verkeers(stop)lichten etc. Het is dat onze stoppitches zo gezellig waren, maar de tocht op zich verdient geen schoonheidsprijs. Deze route staat in schril contrast met mijn motor weekend in de Eifel, drie weken geleden.We zijn gewoon verwend met de Hoge en Lage eifel en de Ardennen bij ons in de buurt. Maar desalniettemin stonden we dus laat in de middag nog onder Brussel. Er werd dan ook geen weerstand geboden tegen het idee van Ad om tot Gent de grote weg te nemen. Dus met Mari “onze voorrijder” afgestemd om richting Brussel aan te houden tot de ring van Brussel. Dan vervolgens via de Brusselse ringweg richting Gent. En jawel hoor, er stond vrij snel Brussel zuid aangegeven. Ik reed als oudste natuurlijk achteraan om het overzicht te bewaren. Vanuit deze positie zag ik het bord “Ringweg Brussel” wetende dat in België borden niet ver voor een kruising geplaatst worden. Maar Mari stak over met alle zijn schaapjes achter zich. Ik dacht, verdomd Mari ik bedoelde niet dat jou “Ring weg” is. Door het drukke verkeer had ik niet de mogelijkheid om onze leider in te halen om hem te waarschuwen. Dus met z’n allen Brussel in en stoplichten tellen. Terwijl Mari het centrum aanhield dacht ik,”he’ dat wordt nog leuk we gaan een kopje koffie drinken in het centrum”. Maar ongeveer 500 meter van het centrum werd opnieuw de ringweg aangegeven en hebben we via het noorden Brussel verlaten. Dat is jammer want Brussel heeft een zeer mooi centrum met mooie historische gebouwen. Mijn voorstel is dan ook om de voorrijders een fel gekleurde helm te geven met een antenne en mobilofoon om meer met de achterban te kunnen overleggen. Omdat we hiermee veel tijd zijn verloren hebben we niet bij Gent de route opnieuw opgepakt maar zijn we via de autobaan naar het westen gereden. We hadden verwacht dat het eten opgeruimd, en de vaat door onze andere leden al gedaan zou zijn. Maar niets was minder waar, we waren de eerste. In overleg met onze ongeruste gastvrouw is het eten niet opgediend, en is er gewacht tot iedereen binnen was. Ik vond het eten zeer smakelijk en goed verzorgd. Ik moest hierbij wel aan mijn goudvissen denken, hoe langer je wacht, hoe dankbaarder ze zijn wanneer je ze voert. Ook de accommodatie was perfect. Het was voor mij de eerste keer dat ik de motor voor mijn kamerdeur mocht zetten. Je moet dat eens thuis of in een ander hotel proberen. In het Motorhotel foyer was het gezellig zitten en als ik zo rond keek had ik niet de indruk dat men overtuigd was dat Stella een “koppijnbier” is. De volgende morgen worden we gewekt door een op volle toeren draaiende Honda om weer in de motorstemming te komen. Vanuit een diepe slaap plotseling gewekt te worden geeft een schokeffect. Dat moet de Honda ook zo gevoeld hebben. Met mijn motoropvoeding is het uit den boze om een koude motor direkt boven de 9000 toeren te draaien, laat staan de burnouts. Ondanks het goed verzorgde ochtendontbijt was de stemming toch wat minder. Het regende, en onze gastheer gaf een weersvoorspelling af waar de honden geen brood van lusten. In de namiddag zou het opklaren. Uiteindelijk viel het mee. Onze groep had zich toch opgesplitst, de helft koos voor de tocht en de andere helft waar onder ik, koos voor met de bus naar Oostende. Het blijft een leuke kustplaats waar je geweest moet zijn Will gaat er om de dag heen begreep ik. ‘sMiddags hebben we een leuke lokale tocht gereden. Deze route stond goed aangeven en we hebben maar een keer de routeaanduiding gemist. Dit om dat deze keer niet alleen Mari, maar wij allen er geen rekening mee hielden dat aanduidingen ook nog wel eens aan de andere kant van de weg worden geplaatst. De barbeque en de avond waren opnieuw weer uitstekend en gezellig. Zoals in elk hotel moest de volgende morgen de drank per kamer afgerekend worden. Dit onder volledig toezicht van het bestuur. José had hier lucht van gekregen en keek rond wie er allemaal op onze kamer sliep. Ze heeft vast gedacht “mooi niet” en melde zich onder een ander kamernummer aan. Tijdens de terugtocht zijn we de Westerschelde niet met het pont maar via de nieuwe tunnel overgestoken. Buiten het aanschouwen van een geweldig meesterwerk, genoot ik ook van het versterkte motoren geluid in de tunnel. Inschatten blijft voor motorrijders schijnbaar een moeilijke zaak. De geschatte lengte van de tunnel in onze groep lag tussen 4 en 13km. Wat is nu werkelijke lengte ? En als je dan verder Erwin tegen Marga hebt horen zegen dat de naam “Motorcycle loft hotel” iets met liefde bedrijven te maken heeft is ook verkeerd ingeschat. Volgens het engelse woordenboek betekent loft, een pakhuis, fabriekshal, of galerij. Terugkijkend op dit motorweekend, in vergelijking met de andere gemaakte weekenden zeg ik, accommodatie, eten en gezelligheid geweldig, dit is echter tenkoste gegaan van de tocht. Mijn helmpje af voor de organisatie, want het toch een probleem om voor zovelen een onderkomen te vinden en te zorgen dat iedereen aan zijn trekken komt.

Rini van der Heijden