Reisverslagen, zondag 1 september 2013


 

op zondag 1 september maakte mijn baas mij, een zwarte BMW R1100RT al vroeg wakker. Hij maakte een kort inspectierondje om mij heen. Hij mompelt dan altijd: BRAVO… BRAVO… niet om te zeggen dat alles goed is, maar dan dan let hij op: Banden… Remmen…. Accu… Verlichting….Olie. Daarna schroefde hij de Garmin op mijn kop en ik zag dat hij van plan was een tocht te gaan maken van 256 kilometer! Heerlijk! De hele dag mijn zuigers en kleppen op en neer en mijn krukas de hele dag in de olie laten draaien. Mijn startknop werd ingedrukt en rijden… maar na ongeveer 150 meter was de pret al over.

Mijn baas en bazin stopten bij de Dorpsherberg. Maar gelukkig na een bak koffie mocht ik weer op pad. Nu in gezelschap van een Yamaha, een Honda, nog een motor die in de verte op een Honda leek en een Ducati Tuono. Die laatste twee zijn, net als ik, 2-cilinders. Gelukkig maar want als die met hun open pijpen ook vier cilinders hadden gehad... man man, Wat een herrie, ze konden nu in Overijssel al horen dat we richting Limburg reden. Ducati, Honda, BMW, chopper-Honda en Yamaha

Met een mooi zonnetje op de spatborden reden we richting Limburg. In de buurt van Helmond kwamen we een 100-tal oude brommers tegen, rokend en pruttelend, blij dat ze ook weer een keer van stal gehaald waren. Na ongeveer 60 kilometer werden onze voorwielen bijna in het water geparkeerd. Eric de Bie, de man van wat ooit een Honda geweest was, vroeg: “Waarom is de Dommel hier toch zo breed!”. Henk Kersten, de man van de Yamaha, had de oplossing. Hij zei: “Dat komt waarschijnlijk omdat dat dit de Dommel niet is, maar de Maas”. Ik zag dat mijn bazin en mijn baas grote stukken met appelgebak met slagroom naar binnen zaten te werken, daarom heb ik uit voorzorg mijn achterschokbreker hoger gezet. Daarna met “redelijke snelheid” over de brug bij Wanssum, even later bij Well de grens over richting Kevelaar. Waarschijnlijk zat de douane te slapen, want zelfs ons gezelschap mocht zonder controle of vragen de grens over! Na een aantal kilometers bereikten we Wesel. Maar de bazen van ons kregen de kolder in de kop, want ze stuurden ons regelrecht een golfbaan op. We kwamen binnen bij hole 7. De heren en de dame kregen in “grundlich Deutsch” te verstaan dat ze moesten “unbedingt moesten verschwinden”. Dat deden ze, terwijl ze tijdens het draaien met de achterwielen nog even hole 19 en 20 maakten. We kwamen hij een bord “ALPEN”. oooh, ik zag het al helemaal voor me: bochten en Alpenpassen. Geweldig. Maar nee, het was alleen maar een Duits dorpje dat zo heet.

In Duitsland kijken alle motoren en auto’s heel jaloers naar ons, want wij krijgen lekkere dure benzine in onze tanken, terwijl zij het moeten doen met brandstof wel 15 cent per liter goedkoper is. In Geldern kregen onze chauffeurs de schrik van hun leven: een heleboel groene uniformen! Ik dacht nog: ‘dat komt van dat gejakker, eigen schuld. Nu gaan de bazen de bak in en wij worden in beslag genomen. Misschien kom ik dan langs de fiets van opa te staan, want die is ook nog ergens in Duitsland.

Maar al die groene uniformen waren niet van de politie, maar van de fanfare. Ze wilden ons met muziek inhalen. Dat duurde helaas niet lang. De muzikanten konden niet boven de “open orgelpijpen” van de Ducati en de ex-Honda uitkomen. Daarom hielden ze het al snel voor gezien. De buiken van de heren en de dame werden gevuld met een Strammer Max. Dat stond niet op de kaart maar werd na enig heen en weergepraat wel opgediend. Met dikke buiken richting Lottum. De heren Frank en Eric de Bie wisselden van motor, wat hen allebei prima beviel, maar ze konden het niet eens worden wie wat bij moest betalen. Terwijl we voor het pont In Lottum stonden te wachten, vond Eric het nodig zijn “boeltje” te herschikken. Hij zei dat hij linksdragend was, maar door het gebots was de boel naar rechts verschoven. Daarom maakte hij tijdens het wachten zijn broek los, om “alles” te herschikken. Terwijl hij daar druk mee bezig was, kwam er vanachter een huisje een boze heks te voorschijn en ze riep: “knibbel knabbel knuisje wie krabbelt er aan zijn kruisje” Prachtig om te zien hoe snel iemand zijn broek dicht kan ritsen zonder dat er iets tussen komt te zitten.

De terugreis verliep vlot, heerlijk zonnetje. Weer op de middenbok gezet bij de Herberg gingen de heren en de dame nog wat sterke verhalen en slappe zever uit zitten wisselen. Na een heerlijke zondag werd ik weer in de garage gestald. Maar mijn eigenaar kennende zal dat niet voor lang zijn . Waarschijnlijk mag ik morgen al weer mee.

Groeten van de zwarte BMW